Dutch

Wilma

Toetje vergeten

Een maaltijd met wat familieleden is al bijna zo ver gereed dat we kunnen eten. De soep van het voorgerecht wordt al opgeschept. Ineens realiseer ik mij dat ik ben vergeten om een toetje te kopen. Toch wel lekker om zo met elkaar nog ijs te eten. Ik bedenk me niet, roep dat ik zo terug ben, trek mijn jas aan en loop naar de supermarkt.

Ik heb het geluk dat de winkel nog geen 200 meter lopen is. In de winkel loop ik regelrecht naar het diepvriesvak. Na even twijfelen – wat een luxe eigenlijk, al die keuzes – loop ik met twee van die ijsstammen naar de kassa. Na een je-mag-wel-even-voor en wat wachten kan ik de winkel weer uit, op naar mijn al ingeschepte soep. Dacht ik.

Het is al donker en een beetje guur. Herfstblad ligt nog op de grond; nat en kleverig, wachtend op de vorst. Tussen de auto’s en de bomen door zie ik een oudere man met een dame in een rolstoel komen. Ik begrijp het al: ze konden even verderop het stoepje niet op en nemen nu deze route. Ik zie het al. Langs de 200 meter van mijn ouderlijk huis naar de winkel zit ook nog een snackbar. Daar zijn zij naar onderweg.  Nog voordat ik het door heb hoor ik mijzelf vragen: ‘zal ik de deur even openhouden?’ Voor ik het weet, sta ik in de snackbar. Er staat ‘duwen’ op de deur. De rolstoel rolt langs mij heen. Na een lieve glimlach van mevrouw, een hartelijk dank van meneer en een wederzijds eetsmakelijk laat ik de deur weer dicht vallen. Ik glimlach. Snel loop ik weer verder richting huis.

Een klein gebaar, maar wat het teweeg bracht? Twee mensen dankbaar en blij. Twee? O nee, toch stiekem drie.

En die al ingeschepte soep? Die was afgekoeld ook best lekker. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *