Dutch

Krantje kopen?

Langzaam loop ik op de man af. Zou ik het durven? Ik heb er al vaak en lang over getwijfeld. Maar mijn nieuwsgierigheid wint het.

Ik zet nog een paar stappen naar voren. Ik zie hem vriendelijk lachen en gedag zeggen tegen iedereen die de Jumbo binnengaat. ‘Hoe gaat het?’ ‘Alles goed?’ ‘Veel plezier vandaag!’ Hij wisselt zijn zinnen met zijn grote glimlach af. Heel even observeer ik hem nog totdat ik de overbruggende stap maak.

Ik check of ik wel 1,5 meter bij hem vandaan sta. Zijn blauwe handschoen steekt af tegen het krantje in zijn hand. Nu is het mijn beurt om te praten. ‘Hoe gaat het?’ hoor ik mezelf al zeggen. Mijn opvolgende glimlach is wat minder breed dat die van hem hiervoor. Ben ik zenuwachtig?

Vriendelijk is het antwoord. Geduldig. En eerlijk. ‘Tja’, zegt hij ‘het gaat goed’ en al pratend steekt hij de krantjes naar voren: ‘twee euro!’. ‘Moet je deze verkopen?’ vraag ik hem. ‘Ja! Wil je er een?’

En dan stel ik de vraag die ik altijd al wilde weten: ‘Moet je er een minimaal aantal per dag verkopen?’ Hij lijkt de vraag niet helemaal te begrijpen. Zijn niet vloeiende Nederlands helpt ook niet echt mee. Toch weet ik uit hem te halen dat hij er 5-10 moet verkopen op een dag. Ik beloof geld op te nemen en zo terug te komen.

Eerlijk, toen ik bij de kassa was, was ik het alweer bijna vergeten. Vlug neem ik nog de 2 euro extra op. Al glimlachend leg ik daarna het muntstuk in zijn blauwe handschoen.

Onderweg naar huis komen de gedachten. Zou hij dan leven van die 10-20 euro per dag? Of zou hij meer betaald krijgen vanuit een of andere instantie? Stel je voor dat ik daar een hele zaterdag moet staan voor 10 euro? Zou hij gelukkig zijn?

Thuisgekomen weet ik niet meer wat ik denk. De gedachten buitelen over elkaar. Terwijl ik mijn boodschappen opruim, de tafel dek en ga zitten voor de lunch weet ik wat ik moet doen: bidden voor deze man. Wat is het heerlijk dat we alles kunnen vertellen aan onze hemelse Vader. ‘God, wilt u voor hem zorgen?’

Met een geruster hart kon ik mijn lunch beginnen.